Waarom gezondheid begint bij welzijn en wonen
Gezond samenleven is een politiek pleidooi voor een fundamentele herinrichting van het Nederlandse overheidsbeleid. Het boek stelt dat Nederland zijn samenleving nog altijd bestuurt vanuit bestuurlijke grenzen die in het dagelijks leven van burgers helemaal niet bestaan. Gezondheid, welzijn en wonen zijn in Den Haag afzonderlijke beleidsterreinen geworden, terwijl ze voor mensen drie kanten van dezelfde werkelijkheid vormen.
De politieke stelling van dit boek is daarom scherp: Nederland kan de maatschappelijke problemen van de komende decennia niet oplossen met een overheid die de samenleving blijft opdelen in afzonderlijke ministeries. De verkokering van wonen, welzijn en gezondheid moet worden doorbroken.
Daarom pleit Gezond samenleven voor de vorming van één krachtig ministerie van Gezondheid, Welzijn en Wonen. De verantwoordelijkheden die nu verdeeld zijn over onder meer Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het beleidsterrein Volkshuisvesting moeten volgens deze visie worden samengebracht in één bestuurlijke structuur. Niet omdat specialisatie overbodig is, maar omdat specialisatie zonder samenhang steeds minder in staat is de problemen van de samenleving als geheel op te lossen.
De huidige werkelijkheid maakt die verandering volgens het boek steeds urgenter. Nederland vergrijst, de zorgvraag groeit, personeel wordt schaarser, de woningmarkt staat onder druk en steeds meer mensen hebben te maken met een combinatie van gezondheidsproblemen, woonproblemen, financiële onzekerheid en sociale eenzaamheid. Toch worden deze problemen nog steeds grotendeels afzonderlijk behandeld. De woning wordt beschouwd als een volkshuisvestingsvraagstuk, eenzaamheid als welzijnsprobleem en ziekte als een zaak van de gezondheidszorg. Voor de burger zijn het echter geen drie dossiers, maar één leven.
De kern van het politieke probleem is daarmee niet dat Nederland te weinig beleid heeft, maar dat het beleid verkeerd is georganiseerd. Er zijn wetten, instanties, professionals, budgetten en voorzieningen genoeg, maar zij werken te vaak naast elkaar in plaats van met elkaar. Daardoor worden problemen behandeld wanneer ze eenmaal ernstig zijn geworden, terwijl de oorzaken vaak veel eerder liggen: in de woning, de buurt, bestaanszekerheid, sociale contacten of leefomgeving.
Juist de vergrijzing maakt deze bestuurlijke omslag noodzakelijk. Een ouder wordende bevolking vraagt niet alleen om meer ziekenhuiszorg of meer verpleeghuiscapaciteit. Zij vraagt om levensloopbestendige woningen, veilige buurten, ontmoetingsmogelijkheden, mantelzorgondersteuning, preventie en een omgeving waarin mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven. De vraag is dus niet alleen hoeveel zorg Nederland in de toekomst nodig heeft, maar hoe Nederland ervoor kan zorgen dat mensen minder snel en minder zwaar op professionele zorg zijn aangewezen.
Daarmee raakt het boek ook rechtstreeks aan de economie van het huishouden. Wonen en gezondheid behoren tot de grootste structurele uitgaven waarmee Nederlandse huishoudens worden geconfronteerd. Wanneer deze uitgaven stijgen, blijft er minder ruimte over voor andere noodzakelijke uitgaven en neemt de financiële kwetsbaarheid toe. Het beleid rond wonen en gezondheid kan daarom niet langer uitsluitend worden gezien als beleid van afzonderlijke sectoren; het is ook beleid voor bestaanszekerheid.
Gezond samenleven legt daarmee een politieke keuze op tafel: blijven we de problemen van de eenentwintigste eeuw bestrijden met de bestuurlijke structuren van de twintigste eeuw, of richten we de overheid opnieuw in rond de werkelijkheid van de burger?
Het voorgestelde ministerie van Gezondheid, Welzijn en Wonen is in deze visie geen cosmetische samenvoeging van bestaande departementen. Het moet het centrum worden van een nieuwe maatschappelijke benadering waarin preventie, wonen, welzijn, gezondheid en zelfstandigheid gezamenlijk worden aangestuurd. De uiteindelijke maatstaf van beleid zou niet moeten zijn hoeveel voorzieningen de overheid heeft georganiseerd, maar of mensen daadwerkelijk gezonder, zelfstandiger, zekerder en meer verbonden kunnen leven.
Van zorgbeleid naar gezondheidsbeleid. Van afzonderlijke ministeries naar samenhang. En van reageren op problemen naar het creëren van de omstandigheden waarin die problemen minder vaak ontstaan. Dat is de politieke kern van Gezond samenleven.
ISBN: 978-94-6533-674-9
Prijs: € 27,95
